• Slider #1
  • Slider #2
  • Slider #3
  • Slider #4
  • Slider #5
  • Slider #6
  • Slider #7
Vraag een vrijblijvend, gratis adviesgesprek aan

Innovatie

Niet alleen de Nederlandse overheden maar ook “Brussel” stimuleert innovatie. Doel is het creëren en vergroten van onderscheidend vermogen en economische groei. Doelstellingen zijn onder meer vastgelegd in het Topsectorenbeleid, Het verdrag van Lissabon, Horizon 2020. Om dit te bereiken zet de overheid verschillende instrumenten in: subsidies, fiscale maatregelen, kredieten, leningen en participaties (hierna samengevat als subsidies).


Nederlands Subsidie Instituut heeft al bijna 20 jaar ervaring in het succesvol verkrijgen van subsidies voor innovatieve bedrijven. Een beschrijving van enkele veel gebruikte regelingen treft u onderstaand aan. Uiteraard zijn er meer mogelijkheden en zijn ze niet allemaal even relevant voor uw bedrijf. In een gesprek kunnen wij de specifieke mogelijkheden voor uw bedrijf vaststellen.



Stimuleren innovatie op bedrijfsniveau


Met drie fiscale maatregelen stimuleert de Nederlandse overheid innovatie op bedrijfsniveau:

• Met de Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk (WBSO) kunt u de loonkosten van uw eigen speur- en ontwikkelingswerk (onderzoek en ontwikkeling) verlagen. Het voordeel kunt u maandelijks incasseren door een verminderde afdracht van de loonbelasting. De afdrachtvermindering bedraagt 35% van de eerste € 250.000 aan S&O-loonkosten en 14% over het meerdere.

• De Research & Development Aftrek (RDA) biedt een financieel voordeel voor de niet-loonkosten van WBSO-projecten. Bijvoorbeeld voor kosten van materialen, prototypes of van benodigde apparatuur. Het voordeel wordt verrekend met de jaarlijkse aangifte van de vennootschapsbelasting. Het voordeel is een extra aftrekpost voor de fiscale winst en bedraagt 60% van de in aanmerking komende kosten en uitgaven.

• De Innovatiebox biedt de mogelijkheid om slechts 5% vennootschapsbelasting te betalen met winsten die u behaalt met WBSO-projecten (of met octrooien).



Stimuleren innovatie door nationale samenwerking


De Nederlandse overheid wil de samenwerking tussen bedrijven en met kennisinstellingen stimuleren. Dit stimuleert zij met verschillende regelingen en instrumenten. Enkele voorbeelden zijn:

• De regeling MKB Innovatiestimulering Topsectoren (MIT) wil de innovatie bij MKB-ers stimuleren en dat MKB-ondernemingen aansluiten bij innovatieactiviteiten binnen de topsectoren Agrifood, Tuinbouw en Uitgangsmaterialen (T&U), High Tech Systemen en Materialen (HTSM), Logistiek, Creatieve industrie, Life Sciences & Health (LSH), Water en Chemie, Biobased en Energie. Iedere Topsector zet hiervoor verschillende instrumenten en stel subsidie beschikbaar voor bijvoorbeeld kennisvouchers, haalbaarheidsstudies en R&D-samenwerkingsprojecten. De subsidie kan oplopen tot € 200.000 per project.

• Om economisch en maatschappelijk tot de wereldwijde top te blijven behoren, richt de Nederlandse overhead zich op negen Topsectoren. Slimme samenwerking tussen bedrijven, onderzoekers en de overheid staat in beide gevallen centraal. Neem contact met ons op of vraag een gratis adviesgesprek aan om de meest actuele openstellingen te bespreken.



Stimuleren innovatie door internationale samenwerking


Vanaf eind 2013 maar ook in de loop van 2014 zijn/worden vele nieuwe Europese regelingen opengesteld voor het indienen van aanvragen. Enkele voorbeelden zijn:

Horizon 2020 is het nieuwe Europese subsidieprogramma voor onderzoek en innovatie voor de periode 2014-2020. Het programma richt zich op drie onderzoeksprioriteiten (flagships): Societal Challenges, Industrial Leadership en Excellent Science. Periodiek worden er openstellingen gepubliceerd. Neem contact met ons op of vraag een gratis adviesgesprek aan om de meest actuele openstellingen te bespreken.

• Onderdeel van Horizon 2020 is het zogenaamde SME-instrument. Dit instrument is erop gericht om het MKB op een eenvoudigere wijze te laten profiteren van Europese subsidies. Internationale samenwerking is niet verplicht. Dit instrument subsidieert haalbaarheidsstudies (subsidie bedraagt maximaal € 50.000) voor een ontwikkelingsproject tot aan marktintroductie (subsidie bedraagt maximaal € 2.500.000).

Eurostars verstrekt subsidie aan zeer innovatieve MKB-ers die in een internationaal samenwerkingsverband gezamenlijk onderzoek en ontwikkeling verrichten om innovaties te realiseren. De maximale bijdrage voor Nederlandse deelnemers bedraagt € 500.000 per project.



Innovatiefinanciering


De overheid helpt bedrijven op verschillende manieren om innovatie te financieren. Naast het verstrekken van subsidies verstrekt de overheid ook garanties aan banken, verstrekt zelf kredieten of verstrekt leningen aan participatie. Enkele veel gebruikte mogelijkheden zijn:

Innovatiekrediet. MKB-ondernemers kunnen een krediet krijgen voor risicovolle technische en klinische ontwikkelingsprojecten, waarin voor Nederland nieuwe producten, processen of diensten worden ontwikkeld. Daarnaast kunnen grotere bedrijven een krediet krijgen voor duurzame technologische ontwikkelingsprojecten. Het innovatiekrediet bedraagt maximaal 35% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 5 miljoen.

Borgstelling MKB Kredieten. De regeling richt zich op bedrijven met maximaal 250 werknemers, starters en innovatieve bedrijven. Voorwaarde is dat uw onderneming financieel gezond is en goede continuïteitsperspectieven heeft. Als een ondernemer bij een kredietaanvraag onvoldoende zekerheden aan de bank kan bieden, kan de overheid, op verzoek van de bank, zich borgstellen voor een deel van het kredietbedrag. Er bestaat ook een borgstellingskrediet voor bodemsaneringen. De overheid staat borg voor maximaal 67,5% van het krediet, tot hoogstens € 1,5 miljoen. Voor starters is dit € 266.667. De aflossingstermijn van het krediet is maximaal twaalf jaar.

SEED Capital. Met deze faciliteit kunnen technostarters en creatieve starters in hun kapitaalbehoefte worden voorzien. De faciliteit biedt participatiefondsen de mogelijkheid een lening te krijgen voor het verkrijgen van participaties in technostarters en creatieve starters op basis van een zogenaamd fondsplan. De lening bedraagt maximaal 50% van het investeringsbudget tot een maximumbedrag tot € 4 miljoen.

Microfinanciering. Stichting Microkrediet Nederland / Qredits verleent specifieke kredieten en biedt coachingsfaciliteiten aan kleine ondernemers of zelfstandigen (zzp'ers) aan. (Startende) Ondernemers komen voor microfinanciering in aanmerking als ze beschikken over voldoende ondernemerskwaliteiten en er sprake is van een haalbaar ondernemersplan. De maximale lening is € 50.000.

Groeifaciliteit. De Groeifaciliteit moet de financiering van snelle groeiende ondernemingen of van bedrijfsovernames vergemakkelijken. Alleen professionele kapitaalverschaffers kunnen een beroep op de regeling doen (banken, participatiemaatschappijen en informele investeerders). De garantstelling is maximaal € 5 miljoen die ten goede komen aan nieuwe bedrijfsactiviteiten.

Garantie Ondernemingsfinanciering. Met deze garantiefaciliteit wil de overheid middelgrote en grote ondernemingen (met substantiële activiteiten in Nederland) de mogelijkheid geven investeringen te blijven financieren. De financiering vindt plaats in de vorm van een banklening. De bank krijgt op basis van de regeling een garantie van 50% voor nieuwe bankleningen van minimaal € 1,5 miljoen en maximaal € 50 miljoen.

Duurzaamheidsfondsen provincies. Verschillende provincies in Nederland hebben duurzaamheidsfondsen opgezet. Dit zijn zogenaamde revolverende fondsen die financieringen verstrekken voor projecten gericht op het stimuleren van de biobased economy en duurzame energie.



Provinciale en regionale innovatieregelingen


Naast dat de Nederlandse overheid een landelijk subsidieprogramma opstelt, hebben de afzonderlijke provincies ook diverse subsidieprogramma’s. Deze subsidies zijn veelal afgestemd op de doelstellingen van de provincies. Daarom zijn er ook grote verschillen te zien in de subsidiemogelijkheden per provincie.


De provincies Groningen, Friesland, Drenthe, Overijssel en Gelderland hebben bijvoorbeeld interessante subsidiemogelijkheden het gebied van innovatie. Daarnaast zijn er verschillende regionale subsidiemogelijkheden. Een aantal voorbeelden hiervan zijn hier onder weergegeven, waarbij niet zozeer naar een provincie wordt gekeken, maar naar een bepaalde regio dan wel grensstreek (eventueel met internationale samenwerking).


Het programma Europese Territoriale Samenwerking (Interreg) is een Europese subsidieregeling voor ruimtelijke en regionale ontwikkeling. Aan de projecten die onder Interreg vallen werken partijen uit verschillende landen samen. Er zijn 3 verschillende Interreg-programma's. Deze richten zich op samenwerking:

1. In de grensregio (Interreg A:Nederland- Duitsland, Vlaanderen Nederland, Euregio Maas- Rijn en 2 zeeën). Nederlandse economische activiteiten en ontwikkelingen hebben vaak raakvlakken met economische activiteiten en ontwikkelingen in buurlanden. Doel is om deze activiteiten met elkaar te verbinden. Nederland besteedt het geld aan 3 thema’s, te weten Innovatie (in MKB), Koolstofarme economie (duurzame energie) en Human Capital Agenda / Arbeidsmobiliteit (grensarbeid).

2. Tussen regio's in verschillende landen (Interreg B): Nederland doet mee aan 2 transnationale programma's. Hierin werken verschillende landen samen in 1 regio van de EU.

3. Door heel de Europese Unie (EU) heen, dus niet gebonden aan een bepaalde regio (Interreg C).


Vanaf 1 januari 2014 is er een nieuwe periode van het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO) van start gegaan. Met deze regeling wil de Europese Unie een bijdrage leveren aan de versterking van economische en sociale samenhang door (regionale) onevenwichtigheden ongedaan te maken. De mogelijkheden die gesubsidieerd kunnen worden onder dit programma lopen sterk uiteen, van innovatie tot aan duurzaamheid en sociale zaken. Deze zijn onderverdeeld in investeringsprioriteiten.


Deze worden onderverdeeld in regionale programma’s, die ook weer sterk van elkaar kunnen verschillen. De bijdrage uit deze regeling voor projecten kan oplopen tot 50 tot 85% van de in aanmerking komende kosten.


Naast bovenstaande zijn er vele andere mogelijkheden. Neem contact met ons op of vraag een gratis adviesgesprek aan om de mogelijkheden voor uw bedrijf te inventariseren.